Patti Smith is gefascineerd door de sfeer die uitgaat van het verhaal Het strandcafé van Mohammed Mrabet (1936). Het is dan ook dankzij haar dat deze Marokkaanse schrijver op mijn radar kwam. Het meest bijzondere aan zijn verhalen en romans is de oorsprong ervan. Al zijn werk, waaronder ook de roman Liefde met een lok haar, was namelijk initieel een vertelling, in de letterlijke zin van het woord: het behoorde tot de mondelinge vertelcultuur. Hieronder lees je meer over die zogenaamde orale literatuur en over Mohammed Mrabet zelf, een visser en schilder, die nooit leerde lezen en schrijven, maar wel boeken op zijn naam heeft staan.
De ontdekking van Mohammed Mrabet
Mohammed Mrabet (1936) stamt af van Berbers uit het Rifgebergte en woont in een buitenwijk van Tanger. In de jaren zestig belandde hij in de artistieke kringen rond Amerikaanse, Engelse en Franse schrijvers, op wie de kuststad al sinds de Tweede Wereldoorlog een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefende. Hasj en kif hadden daar veel mee te maken, alsook een toegankelijke homoscene.
Hoe Mohammed Mrabet, een analfabete visser, schilder en barman, in die kunstmiddens terechtkwam? Dat hangt af van welke versie van de feiten je wil geloven.

Zo doet de ronde dat hij in 1965 in Tanger als barman met drankjes rondging op een feest in een riante villa. In de tuin viel hem een Amerikaanse vrouw in een bloemetjesjurk op. Zij was Jane Bowles (1917-1973), schrijfster van de roman Two Serious Ladies en de echtgenote van auteur-componist Paul Bowles (1910-1999). Het koppel woonde toen al een kleine twintig jaar in Tanger. Hij is het bekendst van The Sheltering Sky uit 1949, een roman die zich afspeelt in en rond de Sahara.
Op het feest raakten Jane en Mohammed Mrabet in gesprek. Daarbij ging hij algauw over op wat hij als geen ander kon: hij vertelde haar een verhaal. Zij hing aan zijn lippen en van het ene verhaal kwam het andere. Daarop stelde ze hem voor aan haar man, die meteen brood zag in een samenwerking.
Zelf vertelt Mohammed Mrabet het soms ook anders: Jane Bowles zou hem een keer aangesproken hebben op straat, waar hij zat te tekenen. Tijdens hun praatje kreeg hij meteen de indruk dat ze ziekelijk was – ze kreeg als tiener tuberculose en bleef effectief een leven lang kampen met een fragiele gezondheid. Om haar af te leiden vertelde hij haar een verhaal. En van het ene verhaal kwam het andere. Jane, erg onder de indruk van zijn vertelkunst, stelde Mrabet voor aan haar echtgenoot. Die had meteen door dat hij goud in handen had.
De visser-schilder die ook romans vertelt
Paul Bowles was de eerste die aan Mohammed Mrabet voorstelde om in zijn plaats zijn verhalen op schrift te stellen. Mrabet sprak ze in op bandrecorder. Paul Bowles vertaalde ze vervolgens en verkocht die uitgeschreven versies aan Amerikaanse tijdschriften. In 1980 verscheen onder zijn impuls ook het boek The Beach Café & The Voice – het eerste verhaal daarin is dat rond een strandcafé met één tafeltje in Tanger, waar Patti Smith voor viel.
Maar Mohammed Mrabet had ook romans in zich. Hij noemt ze “riwayats” – riwayat is Arabisch voor een verhaal, een vertelling of een geschiedenis. Met die vertelvorm knoopte hij aan bij een traditie die toentertijd nog sterk leefde in koffie- en theehuizen. Voordat radio en televisie hun intrede deden, waren er namelijk altijd wel mannen die onder het drinken en roken zulke riwayats vertelden. Twee tot drie uur per dag waren ze daar makkelijk mee zoet. Na een week rondden ze hun “roman” af. Die traditie indachtig namen Mohammed Mrabet en Paul Bowles ook zo’n langere vertelling op. Het werd Mrabets debuutroman Love With a Few Hairs (1967).
Liefde met een lok haar
Liefde met een lok haar gaat over een jongeman van zeventien, Mohammed. Hij werkt als barkeeper in het hotel van de Engelse Mr. David, vlak bij het strand in Tanger. Op een dag merkt hij dat zijn voormalige buurmeisje Mina een verleidelijke jonge vrouw geworden is. Na wat moeite lukt het hem om haar mee te tronen naar de bioscoop. Maar nog vooraleer de film goed en wel begonnen is, zet Mina het op een lopen, omdat ze zijn avances te voortvarend vindt. Ze komt ook niet meer op haar stappen terug.

Hij zit in zak en as, probeert haar opnieuw voor zich te winnen, maar zij hapt niet toe. Daarop wendt hij zich tot een toverkol. Aan geld alleen blijkt die niet genoeg te hebben om Mina te betoveren. Ze heeft ook een kledingstuk nodig, of een lok haar.
Met de hulp van een jongetje uit de buurt krijgt Mohammed een paar van Mina’s lokken te pakken. De toverheks husselt ze dooreen met kruiden, vingernagels, tanden en gedroogde huid uit haar eigen voorraad. Onder het prevelen van magische spreuken verhit ze het mengsel in een blik op een kolenvuur tot een zwart poeder. Dit strooit Mohammed vervolgens uit voor Mina’s deur.
Daarna is het afwachten of de magie werkt. En dat doet ze. Alleen komt Mina erachter dat ze onder invloed van tovenarij voor Mohammed gevallen is. Betovering is geen liefde, concludeert ze, waarna dit bizarre sprookje hopeloos uit de hand loopt.
De grot van Hercules
Waar Mohammed Mrabet zijn inspiratie vandaan haalt, is een verhaal op zich. “Ik heb geen idee”, laat hij wel eens optekenen in interviews. “Ik zou kunnen zeggen dat de vis mij de verhalen aanreikt, de gigantische vis die ik gered heb in de grot van Hercules.”
Hoe dat in zijn werk ging? Wel, bij die grot ging hij op een dag vissen. Tijdens zijn voorbereidingen werd hij opgeschrikt door een kanjer van een vis, die half aangespoeld lag te kreunen. Niet minder dan vijf of zes meter was het dier lang. Mohammed Mrabet wreef zich in de handen en sloeg zijn blik ten hemel. “Hamdullah”, zei hij, oftewel “Godzijdank.” Want voor zo’n exemplaar zou hij makkelijk vijfhonderdduizend dirham krijgen. Maar terwijl hij zich zo rijk rekende, sprak de vis: “Weet wel dat als je mij verkoopt of opeet, je veel geld zal verliezen, en dat gedurende de rest van je leven.”
Een sprekende vis?

Een sprekende vis, dat was zelfs voor Mohammed Mrabet iets nieuws. En dan op de koop toe een exemplaar dat hem, een visser godbetert, vroeg om ongemoeid gelaten te worden. Het dier riep als reden in dat hij met zijn vrouw en kinderen van dúizenden kilometers ver gekomen was. In de grot van Hercules hadden ze eindelijk een nieuwe thuis gevonden. Dat vond Mohammed Mrabet allemaal goed en wel, maar hij zag er niet meteen een reden in om de uit de kluiten gewassen vis in leven te laten. Tot iets hem bij nader inzien het dier toch terug het water in hielp.
Enkele minuten later daagde de vis weer op, nu met vrouw en kroost. Een van de kleintjes dankte Mrabet omdat hij hun vader gespaard had. Voor ze weer onder water verdwenen, beloofde vader-vis dat Mrabet nog van hem zou horen.
De volgende dag was hij thuis in zijn studio in de weer, toen er iemand op zijn schouder tikte: “Ik ben het, je vriend, wiens leven je gered hebt. En ik heb iets voor je meegebracht.” Daarop vertelde de vis vier verhalen. En dat was nog maar het begin. Hij bleef zowaar met verhalen opduiken. “Zo is het gegaan”, zweert Mohammed Mrabet bij God.
De bakermat van de orale literatuur
Wie naar de bakermat van de orale literatuur op zoek gaat, kan niet om de griots heen, de legendarische zanger-vertellers in West-Afrika. Hun verhalen behoren er tot het culturele erfgoed. De kunst van de griots bestaat erin om die traditionele verhalen telkens weer te brengen in exact dezelfde bewoordingen waarin ze ze voor het eerst zelf te horen kregen, vaak van een ouder familielid.
Ook de Arabische wereld heeft van oudsher een rijke orale traditie. Zo had ooit bijna elk koffiehuis een vaste verhalenverteller. Die trok luisteraars aan, wat op zijn beurt zorgde voor omzet. Een voorwaarde voor een echt geslaagd verhaal was de verdeling van het publiek in voor- en tegenstanders van de hoofdrolspeler. Beide kampen kregen dan afwisselend de gelegenheid om de wendingen in de vertelling toe te juichen.
De hand die Mohammed Mrabets pen stuurt
Voor Paul Bowles kwam Mohammed Mrabet als geroepen, want door de gezondheidsproblemen van zijn echtgenote Jane kwam hij zelf niet meer toe aan romans schrijven. Het gesproken werk van Mohammed Mrabet vertalen en in boekvorm gieten lukte hem wel en gaf een nieuwe impuls aan zijn schrijverscarrière. Hun samenwerking leverde ook een hechte band op. Die draaide niet alleen rond hun gezamenlijke publicaties. Mohammed Mrabet deed ook dienst als chauffeur van het echtpaar Bowles, hij kookte geregeld voor hen, deed allerhande klusjes en vergezelde hen soms op reis. Vanaf halfweg de jaren tachtig verwaterde hun relatie evenwel.

Nu, op zijn oude dag, heeft Mohammed Mrabet helemaal geen hoge pet meer op van de Amerikaan, die in 1999 overleed. Zo refereert hij vaker naar diens koloniaal-racistische trekjes. Daarenboven voelt hij zich bekocht, omdat hij niet altijd de correcte auteursrechten zou ontvangen hebben.
Paul Bowles is overigens niet de enige die werk van Mohammed Mrabet te boek gesteld heeft. Je hebt ook de Franse auteur Simon-Pierre Hamelin, die lang de gerenommeerde boekenwinkel La librairie des Colonnes in Tanger uitbaatte. Hij vertaalde en bewerkte een anekdotische roman van Mrabet. Uiteindelijk verscheen die uitsluitend in het Nederlands, als Manaraf, wat “Ik weet het niet” betekent. In Manaraf vind je oosters aandoende sprookjes, maar ook realistische weergaven van de gruwel tijdens de Marokkaanse onafhankelijkheidsstrijd.
De Nazareners
Met zijn werk wil Mohammed Mrabet niet per se een maatschappijkritische boodschap uitdragen. Toch is de spanning tussen de zich superieur voelende westerlingen en de Marokkaanse bevolking er soms wel in voelbaar. Zo speelt hij in Liefde met een lok haar met de machtsverhouding tussen de barman Mohammed en zijn werkgever, de Engelse hoteleigenaar Mr. David. Mohammed heeft hem nodig, maar maakt van de Engelsman de sufferd door keer op keer geld van hem af te troggelen wetende dat die voor hem valt en hem niets kan weigeren. En de westerlingen die naar de hotelbar komen, noemt Mohammed vriendelijk spottend de ‘Nazareners’ – als in volgelingen van Jezus van Nazareth:
‘Ik moet wel [drinken], zei [Mohammed]. Ik woon met een Nazarener in een hotel dat altijd vol zit met Nazareners, Amerikanen, Engelsen, Fransen. Ze komen binnen, bestellen wat bij de bar en vragen wat ik wil drinken. Dan kan ik niet zeggen dat ik liever een koffie, of een thee, of een Coca-Cola wil. Als een Amerikaan me een whisky aanbiedt, kan ik niets anders dan de whisky aannemen. Toch?’
Unieke vertelstem
De inhoud en de taal van Mohammed Mrabets werk zijn eenvoudig. Doordat hij graag goochelt met bovennatuurlijke krachten klinken zijn verhalen en romans sterk als sprookjes. Ook door hun mondelinge herkomst is hun toonaard heel apart. Dankzij die bijzondere vertelstem is zijn werk uniek.
Meer lezen/weten?
- Mohammed Mrabat: Liefde met een lok haar. Uit het Marokkaans vertaald en bewerkt door Paul Bowles. Nederlandse vertaling door Hester Tollenaar. Met een voorwoord van Asis Aynan. Uitgeverij Jurgen Maas (De Berberbibliotheek), Amsterdam, 2014. 200 pagina’s. ISBN 978 94 91921 08 7
- Mohammed Mrabat: Manaraf. Uit het Marokkaans vertaald en bewerkt door Simon-Pierre Hamelin. Nederlandse vertaling van Irene Beckers. Nieuw Amsterdam, 2009. 144 pagina’s. ISBN 978 90 468 065 00

- Op 19 november 2025 ging de documentaire Mohammed & Paul – Once Upon a Time in Tangier in première op het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA). De Nederlandse regisseur Nordin Lasfar blikt erin terug op de complexe relatie tussen Mohammed Mrabet en Paul Bowles. Die laatste opende voor de regisseur ooit de deur naar de literatuur en de verhalen uit het land van zijn Marokkaanse voorouders. Vanaf 5 maart 2026 komt de film in Nederland in de bioscopen. Op zondag 12 juli 2026 zou hij uitgezonden worden op NPO 2.
- La librairie des Colonnes is de gerenommeerde boekenwinkel die in 1949 door de Belgische familie Gerofi opgericht werd in Tanger. Het was vanaf het begin een internationale culturele hub. Paul en Jane Bowles waren er vaste klanten. Tennessee Williams, William S. Burroughs en Truman Capote gingen erheen. Jean Genet kwam er over de vloer. Mede door al die illustere bezoekers behoort de plek tot het culturele erfgoed van de stad.
- Als bewaker van cultureel erfgoed vertrok ook de Marokkaanse Ahmed Bouanani graag vanuit de oude, orale tradities rond verhalen die blijven leven doordat ze van generatie op generatie verder verteld worden. Meer over Ahmed Bouanani lees je hier op Boekanza.