Een boekkompas kan je zien als een kort en puntig book moodboard. In #3 heb ik het over Martijn Couwenhovens Leda in de regen (2026). In deze roman herkent Leda haar dertig jaar eerder verongelukte moeder in de gedaante van een andere vrouw.
***
Beginzin
‘ZE HIELD ZICH IN, LEDA MILLER, vechtend tegen de wind en de herfstregen, maar eigenlijk had ze zin om te vloeken, om haar hoofd vol gedachten te ontladen met een schreeuw, en ze kneep zo hard ze kon in de handvatten van haar stuur, ze probeerde haar onrust kwijt te raken door harder te trappen dan ze eigenlijk wilde, door de trein rechts van haar in te halen, door de spieren in haar kuiten, bovenbenen, armen, kaken, voorhoofd aan te spannen en dan te ontspannen, maar het hielp niet, het helpt voor geen meter, dacht Leda, en op het moment dat ze een vloek wilde laten ontsnappen, die gesmoord zou worden door de trein die vaart minderde en piepend en krakend tot stilstand kwam langs het perron, zag ze bij de onderdoorgang van het station een vrouw op haar rug op het fietspad liggen.’
De hoofdrol gaat naar:
Leda Miller. Achtendertig is ze. Ze studeerde filosofie. Op haar achtste verloor ze haar vader en moeder in een auto-ongeluk. Als enige van de drie kinderen zat ze toen mee in de wagen. Nu, dertig jaar later, dringen herinneringen aan haar ouders zich aan haar op, en dan vooral aan haar moeder, een celliste.
Zo komt Leda haar in enkele maanden tijd twee keer tegen in de gedaante van een andere vrouw. Eerst gebeurde dat op de jaarlijkse boekenmarkt. Daar stuitte ze op Schrijversdagboek 1 van Virginia Woolf. Ontdaan door de gelijkenis tussen de jonge schrijfster op de omslagfoto en haar moeder liep ze gauw door. Ze keerde evenwel op haar stappen terug, omdat ze het boek niet kon laten liggen. Toen de verkoper ook Schrijversdagboek 2 onder een stapel vandaan viste, schafte Leda ze zich allebei aan.

Enkele maanden later verschijnt de zevenenvijftigjarige Virginia Woolf van Schrijversdagboek 2 aan haar via de vrouw van het fietsongeluk uit de beginzin. Die heeft dezelfde rimpels in haar voorhoofd als de schrijfster, alsook haar ingevallen wangen en het donkere met grijs doorschoten haar dat bijeenzit in een lage knot. En zo ziet Leda in deze gevallen vrouw eveneens haar moeder, al heeft ze haar nooit op die leeftijd gekend.
Waar & wanneer
Na het vertrek van de ziekenwagen zet Leda de fiets van de vrouw op slot. De sleutel neemt ze mee. De dag erna komt ze terug naar de plaats van het ongeluk en doorzoekt de fietstas van de vrouw. Ze vindt een huissleutel. Daar hangt een label aan waarop twee cijfercombinaties staan. Die ontraadselt ze met enige moeite tot wat een adres zou kunnen zijn. Alleszins vindt ze de plek, in het zuidoosten van Nederland, vlak bij de Duitse grens, op iets meer dan drie uur rijden, de gok van het bezoeken waard. Het wordt een pittige rit, want ook al is het nog maar half november, het sneeuwt volop, net zoals toen haar ouders verongelukten.
Hart & ziel van het verhaal
Wanneer ze bijna op de afgelegen bestemming is, verspert een man met zijn auto de weg. Hij, een boswachter, is een dode haas aan het inladen. Hij denkt dat Leda verdwaald is, want in de buurt bevindt zich alleen het huis van mevrouw Meijerink. Even kijken ze elkaar zwijgend aan, waarna hij opmerkt dat Leda op haar lijkt, maar dat hij helemaal niet wist dat ze een dochter had.
Hoe Leda in het leven staat en clandestien haar intrek neemt in mevrouw Meijerinks afgezonderde boshuisje lees je in ritmisch meanderende beschrijvingen. Leda in de regen baadt ondanks de titel toch vooral in een warme sfeer. Gaandeweg doet die je iets goeds verwachten, iets wat ingaat tegen het hardnekkige gevoel van thuisloosheid waar Leda sinds de dood van haar ouders mee worstelt.
Treffend tafereel
Hoewel de roman vooral om het gemis van een moederband draait, kies ik hier toch voor een passage rond Leda’s van afkomst Britse vader. Die vertelde graag verhalen over dieren in het bos. Daarin was er vaak iets absurds aan de hand met een olifant.
Een ervan herinnerde Leda zich op haar zeventiende op een feestje, waarop ook haar twee jaar oudere broer Lars aanwezig was. Het verhaal schoot haar toen te binnen bij het refrein van een lied van Neil Young, dat door het gezoem van de gesprekken brak: ‘Oh, this old world keeps spinnin’ round, It’s a wonder tall trees ain’t layin’ down, There comes a time’.

‘It’s a wonder tall trees ain’t layin’ down’, die woorden sprak ook de olifant ooit. Het dier in kwestie, zo vertelde Leda op het feestje in navolging van haar vader, wilde hoog in een boom een nest bouwen, als een vogel, want dat was hij in het diepst van zijn gedachten, een vogel. Maar wat hij ook probeerde, de kruin van een boom was en bleef te hoog gegrepen. Dat deed hem besluiten dat het een wonder was dat hoge bomen niet op de grond lagen. Op een dag kruiste een giraf zijn pad. Er sloeg een vonk over tussen de twee. Daarop boog zij door haar poten om dicht bij hem te kunnen zijn. Bij wat de olifant toen zei, hield Leda voor haar toehoorders even in:
‘omdat ze tranen voelde opwellen, ze slikte en keek naar [haar broer] Lars, die naar zijn flesje bier zat te staren, hij keek op omdat het stil was in de kamer, hij keek zijn zusje aan, glimlachte nu echt, en in koor zeiden ze jij bent mijn boom. En broer en zus keken elkaar aan, en in hun blik omhelsden ze elkaar […]’.
Auteur
Van Martijn Couwenhoven (1972) verscheen in 2023 Het gebed van Jonathan Simmers, een fijngevoelig romandebuut over leven en dood, lichtheid en zwaarte, haperende familiebanden, over eenzaamheid maar ook over liefde. Eerder schreef hij onder pseudoniem de novelle Kleine hellen (2018). Ook het kinderboek De schatkaart van Monet (2014) is van zijn hand. Daarin ontdekt de tienjarige Eva dat Claude Monet in 1871 haar woonplaats Zaandam aandeed.
In Zaandam bevindt zich eveneens de door Martijn Couwenhoven in 2016 opgerichte uitgeverij Oevers. Naast schrijver en uitgever is hij overigens ook nog kunstschilder. Die invloed voel je in allebei zijn romans, net als zijn liefde voor een streepje muziek.
Meer lezen/weten?
- Martijn Couwenhoven: Leda in de regen. Uitgeverij Thomas Rap, Amsterdam, 2026. 175 pagina’s. ISBN 978 94 004 1239 2 (met dank aan Thomas Rap en L&M Books voor het recensie-exemplaar)
- Het gebed van Jonathan Simmers, Martijn Couwenhovens roman uit 2023, haalde mijn lijstje met de tien romans, verhalenbundels en memoirs die me in 2024 het meest bijbleven.